Mentor Support

Jonge mensen met een visuele beperking dromen over hun toekomst, net als jongvolwassenen zonder beperkingen. Toch hebben zij, juist door hun beperking, vaker moeite met zaken zoals vrijetijdsbesteding, school, werk en het aangaan van betekenisvolle relaties. Voor hen kent sociale participatie risico’s. Er is ook een groep jongvolwassenen met een visuele beperking die al veel heeft bereikt op het gebied van sociale participatie. Hun ervaringen en levenslessen kunnen waardevol en belangrijk zijn voor de jongere generatie met een visuele beperking. Daarom hebben wij het mentor programma Mentor Support ontwikkeld en getest. In dit mentor programma werden jongeren met een visuele beperking gekoppeld aan een mentor (een succesvolle jongvolwassene met of zonder een visuele beperking), die uitgebreid getraind werd om deel te nemen aan het programma.

Opzet onderzoek
Het mentor support onderzoek was ingedeeld in drie groepen. Groep 1 bestond uit 25 adolescenten met een visuele beperking tussen de 15 en 22 jaar die gekoppeld werden aan een mentor met een visuele beperking. Groep 2 bestond uit 26 adolescenten uit dezelfde leeftijdsgroep die gekoppeld werden aan een mentor zónder een visuele beperking. De laatste groep bestond uit 25 adolescenten uit dezelfde leeftijdsgroep die niet gekoppeld werden aan een mentor (ook wel care-as-usual controle groep genoemd). Iedere groep bleef in ieder geval ook hun gebruikelijke zorg ontvangen. Alle adolescenten werden willekeurig aan een van de drie groepen toegewezen. De mentoren van het mentoring programma waren tussen de 22 en 44 jaar en werden allereerst uitgebreid telefonisch én persoonlijk gescreend op onder andere de mate van hun sociale participatie en levenservaringen, maar ook op hun verwachtingen en ideeën over het zijn van een mentor en de verantwoordelijkheden die daarbij hoorden. De mentors en mentees werden gekoppeld op basis van hun geografische locatie en gezamenlijke interesses.

De interventie
Gedurende een jaar kwamen de mentors en mentees eens per maand samen om activiteiten te ondernemen op het gebied van school/werk, vrijetijdsbesteding en sociale relaties. Voorbeelden van activiteiten waren: naar de film gaan, samen gaan lunchen en praten over persoonlijke doelen van de mentee, of het organiseren van een high tea voor vrienden. Het ervaren van succes en positiviteit stonden hierbij centraal voor de mentees, en de voornaamste rol van de mentoren was het geven van adviezen, het delen van strategieën en het verschaffen van informatie en het modelleren van mogelijke acties ter illustratie hoe de sociale participatie van de mentees verbeterd kon worden.

Resultaten Mentor Support
In dit project werd verwacht dat Mentor Support de sociale participatie en de psychosociale ontwikkeling zou verbeteren. Uit onze studie blijkt dat jongeren die een mentor hadden op de meeste gebieden net zoveel vooruitgingen als jongeren die alleen gebruikelijke zorg kregen. Jongeren met een mentor waren na afloop van het mentor programma wel meer tevreden met hun sociale ondersteuning en meer tevreden over hun gevoel van autonomie en competentie (twee van drie psychologische basisbehoeftes van de Self-determination Theory). Er bleken geen verschillen op het gebied van sociale participatie en psychosociaal functioneren na het mentoring programma tussen de jongeren die ondersteuning hadden gehad van een mentor met of zonder visuele beperking. Wel zagen we dat jongeren die gekoppeld waren aan een mentor met een visuele beperking over het algemeen vaker hun mentoring relatie vroegtijdig stopte.

Overige resultaten promotie onderzoek
In het promotieonderzoek van Eline Heppe werd de sociale participatie en het psychosociaal functioneren ook bestudeerd in een grote groep jongvolwassenen met een visuele beperking (ruim 250 respondenten) die al langer dan 20 jaar meedoen met 6-jaarlijkse interviews. De resultaten uit deze longitudinale studie geven ook aan hoe belangrijk de contacten met leeftijdgenoten zijn. Vooral ervaren steun van leeftijdgenoten in de puberteit is heel belangrijk om eenzaamheid op latere leeftijd te voorkomen. Ook kwam naar voren dat sociale vaardigheden een belangrijke rol spelen bij het latere functioneren van mensen met een visuele beperking. Ondersteuning op het gebied van sociale relaties en het ontwikkelen van sociale vaardigheden zou dus zeker helpend zijn voor jongeren met een visuele beperking.

Op basis van deze verschillende onderzoeken doen we de volgende 10 aanbevelingen:

1. Kijk naar de gehele persoon en niet alleen naar de ogen/de beperking.

2. Kijk naar het gehele gezin en de totale opvoedingssituatie, want die is ook van invloed.

3. Zet niet alleen het nú centraal, maar stel ook lange termijn doelen.

4. Ondersteun jongeren in het aangaan van sociale relaties.

5. Ondersteun jongeren hoe ze sociale relaties moeten onderhouden tijdens de transitiefase.

6. Besteedt aandacht aan het aangaan van romantische relaties.

7. Stimuleer het aangaan van relaties met een volwassene/mentor buiten de familiekring.

8. Deze mentor/buddy hoeft niet per se ook een visuele beperking te hebben.

9. Laat jongeren deelnemen aan activiteiten buitenshuis; dit stimuleert inclusie.

10. Doe mee aan ons vervolgonderzoek! (Zie hiervoor het kopje autonomie project).

Het proefschrift van Eline Heppe kunt u hier lezen.

Tijdens het Mentor Support onderzoek is er nauwe samenwerking geweest met Dr. Deborah Gold (https://www.balancefba.org/) en Dr. Janis Kupersmidt (http://irtinc.us/).
Tweet 0 keer gedeeld op Twitter